Wetgeving
03/05/2019
Terug naar overzicht

De nieuwe auteursrichtlijn onder de loep

Praktische gevolgen voor producenten

Op 15 april werd de laatste stap gezet in een lang onderhandelingsproces met betrekking tot de nieuwe Copyright Directive. De Europese Raad keurde toen de controversiële richtlijn goed. Deze richtlijn zal zeker een impact hebben op de producenten. Hoeveel is echter nog moeilijk in te schatten, aangezien de tekst niet onmiddellijk van kracht is, maar omgezet moet worden naar Belgisch recht en België bij een richtlijn steeds een zekere marge heeft bij het omzetten van de regels. Hoeveel invloed de nieuwe wetgeving zal hebben, kan dus nog niet met 100% zekerheid gezegd worden. Niettemin proberen we de belangrijkste punten op een rijtje te zetten. 

Bepalingen die van belang zijn voor de producenten hebben betrekking op:

  • Bepaalde uitzonderingen: er komen nieuwe uitzonderingen op het auteursrecht, o.m. verplichte uitzonderingen voor Text and Data Mining (TDM, d.i. geautomatiseerde analyse van digitale informatie zoals tekst, geluid, afbeeldingen of data) technologieën. Er komt geen recht op vergoeding voor de auteur, omdat verondersteld wordt dat de potentiële schade aan auteurs minimaal zal zijn. Er komt ook een uitzondering voor het gebruik van digitale werken in het kader van onderwijs en het behoud van cultureel erfgoed. Hier kunnen lidstaten wel een eerlijke compensatie voorzien voor rechthebbenden.


  • Out of commerce werken (art. 8): er komt een nieuw licentiemechanisme voor films, boeken en andere werken die nog beschermd worden door auteursrecht, maar die commercieel niet meer verkrijgbaar zijn t.v.v. instellingen van cultureel erfgoed (bv. archieven en musea). Het systeem zou het voor deze instellingen makkelijker maken om licenties m.b.t. deze werken te verkrijgen die onderhandeld worden met collectieve beheersvennootschappen. VOFTP zal producenten dus moeten adviseren hun catalogus nauwlettend in de gaten te houden, zodat ze zich tijdig kunnen verzetten tegen exploitatie van hun werken die geacht worden buiten de handel te zijn. De hiervoor te volgen procedure zullen we nog meedelen, zodra deze bepaald is door de Belgische wetgever. 


  • VOD-licensing (art. 13): de richtlijn bevat een mechanisme om de beschikbaarheid, zichtbaarheid en circulatie van audiovisuele werken te ondersteunen. Lidstaten zullen moeten verzekeren dat partijen die moeilijkheden ondervinden bij VOD licentie-onderhandelingen, door middel van ondersteuning door een onpartijdig orgaan of bemiddelaar makkelijker hun weg vinden naar VOD platformen. Producenten zullen hier dus beroep op kunnen doen.

 

  • Value gap: het veel besproken art. 13 (nu art. 17), dat als doel heeft de positie van rechthebbenden te versterken en hen te vergoeden voor het online gebruik van hun content door bepaalde user-uploaded-content platformen. Het artikel houdt in dat een aanbieder van onlinediensten (Online Content Sharing Service Proviceders, OCSSPs) voor het delen van content, een handeling van mededeling aan het publiek verricht en daarom dus toestemming moet krijgen van de rechthebbenden wanneer gebruikers content uploaden waarvan zij de rechten niet bezitten. Hierbij is het voor rechthebbenden in de audiovisuele sector belangrijk dat contractuele vrijheid niet ingeperkt wordt: rechthebbenden zijn niet verplicht deze toestemming te geven (geen verplichte licenties, zie overweging 61). In dergelijke gevallen zijn OCSSPs aansprakelijk voor inbreuken op het auteursrecht. Er gelden bepaalde uitzonderingen. Zo is de OCSSP niet aansprakelijk indien hij kan aantonen dat hij alles in het werk gesteld heeft om toestemming te krijgen en zijn ze niet aansprakelijk voor ‘niet geïdentificeerde en niet-aangemelde werken’ (zie overweging 66). Dit zal een grote verhoogde administratieve last voor kleine en middelgrote productiehuizen met zich meebrengen, omdat rechthebbenden hun volledige catalogus vooraf zullen moeten melden aan OCSSPs, zodat deze laatste zich niet op deze uitzondering kan beroepen.

 

  • Passende en evenredige vergoeding (art. 18): lidstaten zorgen ervoor dat auteurs en uitvoerende kunstenaars een passende en evenredige vergoeding ontvangen voor de exploitatie van hun werken, wanneer ze rechten overgedragen of in licentie gegeven hebben. Het valt af te wachten hoe lidstaten dit zelf gaan interpreteren om de impact hiervan te kunnen inschatten. De nationale wetgever kan dit interpreteren als de vergoeding moet 'fair en adequaat zijn'. Maar hij kan het ook in een ander daglicht bekijken: de auteurs en uitvoerende kunstenaars moeten proportioneel (in functie van de inkomsten) vergoed worden. Het spreekt voor zich dat VOFTP zal aansturen op de eerste interpretatie. 

 

  • Contracten met auteurs en uitvoerende kunstenaars (art. 19): naast de passende en evenredige vergoeding is er ook een transparantieverplichting opgenomen in de richtlijn. Die zorgt ervoor dat auteurs en uitvoerende kunstenaars minstens één keer per jaar actuele, relevante en volledige informatie krijgen m.b.t. de exploitatie van hun werken van de partijen aan wie zij hun rechten hebben overdragen of in licentie gegeven. Het gaat om de wijzen van exploitatie, alle voortgebrachte inkomsten en de verschuldigde vergoeding en er wordt voorzien in een mechanisme van alternatieve geschillenbeslechting (art. 21). Het mag duidelijk zijn dat dit voor de producent een hoge administratieve last met zich zal meebrengen. Langs de andere kant opent het misschien wel de weg naar meer informatievergaring bij giganten zoals Netflix en distributeurs.

 

  • Herroepingsrecht (art. 22): auteurs en uitvoerende kunstenaars krijgen het recht om te allen tijde hun licentie of overdracht van rechten in te trekken wanneer het werk niet geëxploiteerd wordt. Samen met de bepalingen rond out-of-commerce werken zorgt het voor de producenten voor een heel onzekere positie. Er is in het artikel wel ruimte gelaten om uitzonderingen te maken voor specifieke sectoren, dus ons nationaal lobbywerk zal zich moeten focussen op een ‘carve out’ voor de audiovisuele sector. 


VOFTP staat dus nog voor een aantal uitdagingen, maar zal trachten de nationale implementatie zo goed mogelijk te laten verlopen. 

Indien je nog vragen hebt, of indien er iets niet duidelijk is, mag je steeds een mailtje sturen naar frauke@voftp.be.